Home Toekomstige leerlingen Leerlingen Ouders Medewerkers Organisatie Contact  
 

Meer over het VMBO

Het VMBO bestaat uit leerwegen: de theoretische leerweg (VMBO-t), de kaderberoepsgerichte leerweg (VMBO-kb) en de basisberoepsgerichte leerweg (VMBO-bb)'. Voor leerlingen die dat nodig hebben, is er leerweg ondersteuning (LWOO). Wat 'leerwegen' zijn wordt hieronder uitgelegd.

De basisvorming

De onderbouw van het voortgezet onderwijs heet basisvorming. De overheid heeft per vak de kennis en vaardigheden aangegeven, die alle leerlingen moeten leren: dit zijn de zogeheten kerndoelen. In de eerste twee jaar van het VMBO komen op onze school vrijwel alle onderwerpen van de basisvorming aan de orde. Voor sommige vakken komen onderwerpen van de basisvorming in de derde klas of soms zelfs vierde klas nog aan bod, bijvoorbeeld enkele kerndoelen van de vakken Nederlands en economie.
In het eerste leerjaar zitten de meeste brugklasleerlingen in klassen die zijn ingedeeld volgens het dakpansysteem. Dakpannen liggen over elkaar heen: ze overlappen elkaar. In het VMBO kennen we drie soorten dakpanklassen:
- VMBO-t / HAVO
- VMBO-kb-bb
- VMBO-bb / VMBO-kb (incl LWOO)                                                             
Gedurende het eerste leerjaar wordt duidelijk naar welke leerweg een leerling verder gaat in het tweede leerjaar. Leerlingen in de VMBO-t-brugklas die laten zien dat zij het HAVO-niveau aankunnen, kunnen overstappen naar HAVO 2.

Leerwegondersteunend onderwijs 'LWOO'

Voor leerlingen die meer begeleiding, hulp en aandacht nodig hebben bij het leren is er leerwegondersteunend onderwijs. Leerlingen die hiervoor in aanmerking komen testen we voorafgaand aan plaatsing. Ook voert de coördinator van tevoren gesprekken met ouders/verzorgers en leerkrachten van de basisschool. Een leerling plaatsen we afhankelijk van de hulpvraag in een VMBO-dakpanklas of in een aparte kleine klas. Doordat de LWOO-klassen klein zijn en een speciaal klein lerarenteam hier de lessen geeft kan er extra aandacht aan de leerling gegeven worden.

 

Vakken in de onderbouw

De leerlingen krijgen in de onderbouw de volgende vakken: Nederlands, Engels, Duits, Geschiedenis, Aardrijkskunde, Wiskunde, Biologie, Beeldende Vorming, Muziek, Techniek, Informatiekunde, Bewegingsonderwijs en de VMBO-t leerlngen krijgen bovendien les in het vak Frans.

Vakken in de bovenbouw

In leerjaar 3 en 4 komen nieuwe (examen)vakken aan bod, zoals bijvoorbeeld scheikunde, maatschappijleer en culturele en kunstzinnige vorming. En natuurlijk in de beroepsrichtingen de praktijkvakken.

BOVENBOUW VMBO

Leerwegen en sectoren

De bovenbouw van het VMBO is ingedeeld in leerwegen en sectoren. Alle leerwegen leiden naar het Middelbaar Beroepsonderwijs (MBO) De ene leerweg is wat theoretischer, de andere wat praktischer. De ene is zwaarder, de andere lichter. Niet alle eindexamenprogramma's zijn even omvangrijk. Ook de doorstroommogelijkheden naar het MBO zijn verschillend. Aan het einde van het tweede leerjaar moet voor iedere leerling duidelijk zijn wat de verdere leerroute wordt in één van de volgende leerwegen:

  • theoretische leerweg
  • kaderberoepsgerichte leerweg
  • basisberoepsgerichte leerweg

Alle leerlingen krijgen voor elk vak een basisdeel en een kerndeel. Bij sommige vakken is een uitgebreider programma mogelijk: het verrijkingsdeel. De verschillen tussen leerwegen komen tot uitdrukking in de examenprogramma's.
In alle beroepsgerichte leerwegen kiest de leerling aan het eind van leerjaar 2 een sector en in die sector een afdeling. De leerlingen van de theoretische leerweg kiezen alleen een sector. In elke leerweg kan op het Stedelijk Daltoncollege gekozen worden uit:

  • sector techniek
  • sector zorg en welzijn
  • sector economie
     
       

De theoretische leerweg

Deze leerweg is bedoeld als voorbereiding op de zwaarste opleiding in het MBO, niveau 3 of 4. Hij is bestemd voor leerlingen die weinig moeite hebben met studeren. Het programma bestaat alleen uit theorievakken. Leerlingen moeten aan het eind van leerjaar twee wel een keuze maken voor een sector.
Leerlingen die het niveau van deze leerweg gemakkelijk aankunnen houden de mogelijkheid open om door te stromen naar het HAVO. Doordat onze school veel overstapmogelijkheden biedt kan de keuze voor de juiste leerroute binnen de eigen school gemaakt worden. Vanwege het theoretische leerprogramma krijgen leerlingen van de theoretische leerweg hun lessen in het gebouw Isendoornstraat en halen hier ook hun diploma.

Beroepsgerichte opleidingen

De kaderberoepsgerichte leerweg is bedoeld voor leerlingen die zowel praktisch als theoretisch ingesteld zijn. Leerlingen kunnen kiezen voor een vervolgopleiding op niveau 2, 3 of 4 in het MBO.
De basisberoepsgerichte leerweg is geschikt voor praktisch ingestelde leerlingen. Leerlingen kunnen kiezen voor een vervolgopleiding op niveau 1 of 2 in het MBO.
Alle leerlingen die de kader- of basisberoepsgerichte leerweg volgen, kiezen een sector en een afdeling. Binnen deze twee leerwegen bieden wij zeven voorbereidende opleidingen aan.
Binnen de sector techniek zijn vier afdelingen:

  • bouwtechniek
  • elektrotechniek
  • grafimedia
  • voertuigentechniek.

Binnen de sector economie zijn twee afdelingen:

  • handel- administratie
  • horeca, toerisme en voeding (voorheen consumptief).

De sector zorg en welzijn bevat één afdeling:

  • zorg en welzijn.

 



Sector techniek

Bouwtechniek
Timmeren, metselen en schilderen zijn de vakken waar het in de bouw om draait.
Het bewerken van hout, het stellen van kozijnen of metselprofielen, werken met machines, werken met verf en tekenen, zijn allemaal onderdelen van de algemene bouwtechniek. Een bijzondere aandacht gaat natuurlijk ook uit naar veilig en nauwkeurig werken.

Elektrotechniek
Leerlingen die kiezen voor elektrotechniek werken, in het derde en vierde leerjaar, aan een brede basis van dit vakgebied en krijgen hiermee keuzemogelijkheden om verder te leren of/en te werken. Met diverse installaties kom je  in aanraking zoals: huisinstallaties,utiliteitsinstallaties, elektrische- en telecominstallaties. Afhankelijk van de leerweg die je volgt komen daar nog bij: domotica, CAD-tekenen, technische informatica.
Het programma is zo ingericht dat je, door middel van praktische opdrachten, kennis maakt met: het schakelen van verlichting, oproepinstallaties,computernetwerken voor de elektrische installaties thuis op kantoor en bedrijf en met: het schakelen van elektromotoren, het programmeren van een complete parkeerinstallatie voor bedrijfsinstallaties.
Domotica is een nieuwe techniek die steeds meer wordt toegepast en die bij ons op school hoog in het vaandel staat. O.a. leer je  de verlichtingen op diverse manieren programmeren.
CAD-tekenen gebruik je om voor een miniwoning, met zes soorten ruimtes, een installatietekening te maken voor zowel een traditionele installatie als een businstallatie(domotica).
Technische informatica krijgen leerlingen om kennis te maken met besturingstechniek: robotarm, palletmagazijn, maar ook kostprijsberekeningen en verantwoording van calculatie-uren staan op het programma.

Grafimedia
Als er  één richting is die grote ontwikkelingen doormaakt, dan is dat wel die van de grafische industrie. Denk maar aan websites, of de bekende cd-rom voor spelletjes. En grafici zijn ook de makers van reclamespots compleet met aftiteling en geluid. Multimedia noemen we dat.
In de grafische vakken werk je met vergroters en ontwikkelapparatuur, scanners en computers, vooral de elektronische beeld-en tekstverwerking krijgt de aandacht. Leren vormgeven en opmaken van bladen, boeken, kranten enz. is hoofdzaak in de lessen grafisch.

Voertuigentechniek
Personenauto’s, vrachtauto’s, landbouwmachines, motoren, bromfietsen etc, zien we dagelijks om ons heen. Om deze voertuigen goed en veilig te laten werken zijn monteurs nodig die het onderhoud en de reparatie verzorgen.
In de afdeling voertuigentechniek maak je kennis  met vakspecifieke technieken voor het onderhoud en repareren van voertuigen: meten en storingen zoeken, werk je aan motoren en onderstellen en de elektronische installatie van de auto.  De vaktheorie en de praktijk zijn geïntegreerd.

 

 
Sector zorg en welzijn

Zorg en welzijn
Het programma in deze afdeling is gericht op de zorg voor de ander.
De omgang met mensen staat centraal in deze afdeling. Als leerling maak je in de praktijklessen kennis met vaardigheden als het bereiden van voedsel, verzorging van kleding, verzorgen van kinderen en  volwassenen, schoonmaken en het begeleiden van activiteiten. We geven veel aandacht aan de ontwikkeling van een juiste beroepshouding.

 

Sector economie

Handel en administratie
In de afdeling Handel en Administratie bereiden we leerlingen voor op een administratieve functie in een bedrijf en in de verkoop. We besteden in de les veel aandacht aan de juiste beroepshouding. Leerlingen krijgen les in een nagebootste praktijksituatie. Het praktijklokaal is ingericht als een echt bedrijf: kantoor en winkel. Alle functies in zo’n bedrijf maak je als leerling een keer mee. In de praktijklessen leer je o.a. hoe je een verkoopgesprek moet voeren. Het beroepsgerichte vak heet Handel en Administratie, waarin onderdelen uit de kantoor- en verkooppraktijk zijn opgenomen. Verder is er veel aandacht voor tekstverwerken en computerprogramma’s als: Excel en Powerpoint

Horeca, toerisme en voeding
Afdelingen: bakkerij, horeca, toerisme en recreatie.
Een bakker zorgt voor brood en gebak, een kok maakt eten klaar in een ziekenhuis of restaurant, een kelner dient het eten op. Binnen de afdeling HTV bereiden we leerlingen voor op deze beroepen.
Het ontwikkelen van gevoel en hygiëne, smaak en kleur, presentatie, collegialiteit en het klant- en servicegericht werken, hebben hierbij grote aandacht. De school heeft een eigen restaurant waar leerlingen leren hoe ze gasten ontvangen. Terwijl een aantal leerlingen in de keuken het eten voorbereidt, dienen andere leerlingen dit op. Brood –en banketbakken, koken en serveren zijn naast vaktheorie de beroepsgerichte vakken.
Toerisme en horeca hebben veel met elkaar te maken. En alles wat je in je vrije tijd doet om jezelf te ontspannen noem je recreatie.Bedrijven in deze sector zijn o.a. reisbureau’s,hotels, campings, vliegtuigmaatschappijen, attractieparken. Werken in toerisme en recreatie betekent dat je je dienstverlenend opstelt. Informeren, adviseren en helpen van mensen is bij een beroep in dit werkveld belangrijk. Ook is het belangrijk dat je meerdere talen spreekt.

 

Stage

In het derde en vierde leerjaar van de kader- en basisberoepsgerichte leerweg lopen de leerlingen gedurende steeds twee weken stage bij een bedrijf of instelling. Het programma en de voorbereidende leerstof is erop gericht om de leerlingen  kennis te laten maken met de eisen van de arbeidsmarkt. In hun stageperiode worden de leerlingen beoordeeld door hun stagebegeleider vanuit het bedrijf of instelling. Ook het maken van een verslag hoort hierbij.De beoordeling telt mee voor het examen.

sitemap    disclaimer    privacyverklaring